• darkblurbg

26-08-2018: De preek van de eenentwintigste zondag door het jaar 2018
De tweede lezing is op eieren lopen. Paulus schrijft dat vrouwen onderdanig moeten zijn aan de man. Elke keer weer moet ik mijn preek beginnen om het even uit te leggen. De tijd waarin Paulus leefde was anders dan nu, het was een mannencultuur. Toch is de eerste zin die we gelezen hebben belangrijker: “Broeders en zusters, weest elkander onderdanig”. Kortom, ook mannen moeten onderdanig zijn aan hun vrouw. Maar volgens mij kan men het woordje ‘onderdanig’ beter vertalen met ‘dienstbaar’ of ‘nabij’. Klinkt vriendelijker. Dan zou er staan: “Broeders en zusters: weest elkaar nabij”. We kunnen dan zelfs zeggen dat Paulus uitgaat van gelijkwaardigheid, en dat was echt revolutionair in zijn tijd. Dit obstakel uit de weg geruimd, vervolg ik mijn preek.

Deze zondagen wordt gelezen uit het Evangelie van Johannes, de toespraak van Jezus over het Brood van het leven, dat Hijzelf is en Die we ontmoeten in de Heilige Communie. In het Evangelie nemen de mensen aanstoot aan Jezus omdat Hij gezegd heeft: “Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt heeft eeuwig leven en Ik zal hem doen opstaan op de laatste dag” (v.54). De verbazing van de mensen is te begrijpen. Jezus gebruikt de taal van de profeten om bij de mensen – dus ook bij ons – vragen uit te lokken én om een beslissing te bewerken. Eerst de vragen: wat betekent “mijn vlees eten en mijn bloed drinken”? Is het een manier van spreken, een symbool, of is het echt? Om Jezus te begrijpen moeten we aanvoelen wat Jezus wil. Hij wil in liefde Zichzelf geven aan de mensen; om de mensen te verlossen van de dood. Dit bereikt een hoogtepunt tijdens het Laatste Avondmaal, waar brood en wijn werkelijk zijn Lichaam en Bloed worden. Waarom? Opdat wij één kunnen worden met Hem, in liefde verbonden. Zoals Hij zegt: “Wie mijn vlees eet en mijn bloed drinkt ‘blijft’ in Mij en Ik in hem” (v.56). Dat in Hem ‘blijven’ moeten we letterlijk nemen: Jezus in ons, wij in Hem. En door Hem te eten (letterlijk) worden we één. Dit betekent wel dat we ‘ja’ moeten zeggen of ‘amen’. Als u straks de Heilige Communie ontvangt zegt u ‘amen’, in vertaling: ‘zo is het’. Zeg dat heel bewust, met groot geloof, met veel liefde voor de Heer Jezus die u ontvangt in de H. Communie. Er zijn wel eens mensen die zeggen: “Waarom zou ik naar de Mis gaan? Ik ga wel als het mij uitkomt, of ik bid wel thuis.” Maar de Mis is meer dan leuk samenzijn; de Mis is geen herinnering aan wat Jezus deed tijdens het Laatste Avondmaal. De Mis stelt de dood en de Verrijzenis van Jezus tegenwoordig, we staan onder het Kruis samen met Maria. Het brood is werkelijk zijn Lichaam gegeven voor ons, de wijn is werkelijk zijn Bloed vergoten voor ons. In de Mis geeft Jezus zich totaal aan ons, helemaal. Ons door de Heilige Communie met Hem voeden en in Hem ‘blijven’ zou ons leven moeten veranderen. Hoe verandert ons leven? Wij Christenen worden uitgenodigd om ons ook te geven aan onze broeders en zusters zoals Jezus Christus deed. Ons met de Communie – het ‘Brood van leven’ voeden, betekent op de golflengte komen met het Hart van Jezus; dat wil zeggen: Zijn gedrag, Zijn gedachten, Zijn keuzes overnemen. Dat wil zeggen: intreden in Jezus’ dynamiek van liefde, naastenliefde, mensen van vrede worden, mensen van vergeving, van verzoening, van dienstbaarheid en solidair delen met de armen. Kortom, dezelfde dingen doen die Jezus ook deed. Eén met Hem. Jezus zegt: “wie dit brood eet zal in eeuwigheid leven” (v.58). Een geweldige belofte.

De Heer Jezus Christus wil ook een beslissing laten nemen. Het Evangelie van vandaag begint met: “Velen van Jezus’ leerlingen zeiden: ‘Deze taal stuit iemand tegen de borst. Wie is nog in staat naar Hem te luisteren?’” Iets verder lezen we: “Velen van zijn leerlingen trokken zich terug en verlieten zijn gezelschap”. Tragisch, diep tragisch. Mensen verlaten Jezus; in onze tijd verlaten mensen de Kerk. Jezus vraagt aan zijn twaalf apostelen: “Wilt ook gij soms weggaan?” God zij dank hebben we Petrus, de eerste Paus, die de onsterfelijke woorden uitspreekt: “Heer, naar wie zouden wij gaan? Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven en wij geloven en weten dat Gij de Heilige Gods zijt.” Zo is het. Op aarde verbonden door de Heilige Communie, leven met Jezus, doet ons nu al overgaan van dood naar leven. Onze Hemel begint nu al door onze verbondenheid met Jezus. En in de Hemel staat Maria, onze Hemelse Moeder. Ze staat nu al naast ons, naast het Kruis dat wij dragen. Maria wil ons helpen om ons altijd met Jezus – het Levende Brood – te voeden om steeds meer op Hem te gelijken in woorden en gedachten, in doen en laten. Zo is het.

Amen.